Commewijne · koffie, katoen, cacao, suiker

Rust en Werk: 430 mensen vrij in 1863, 166 familienamen

Rust en Werk aan de Commewijnerivier werd in 1750 aangelegd door de latere gouverneur Wigbold Crommelin, en is voor stamboomonderzoek een van de rijkste plantages van het land: in 1863 werden er 430 mensen vrijverklaard, onder 166 familienamen.

Controleer dit Deze pagina is samengesteld uit gepubliceerde bronnen en is nog niet ter plaatse geverifieerd. Wie namen, jaartallen of eigendomsgeschiedenis beter weet: laat het ons weten, dan passen we het aan met bronvermelding.

Wigbold Crommelin, gouverneur van 1757 tot 1768, legde in 1750 drie plantages van samen duizend akkers aan, ruim 430 hectare. In het Sranan heet de plek naar zijn ambt: Granmangron. Hij koos bewust voor koffie in plaats van suiker, omdat koffie het graven van kanalen en trenzen bespaarde. Het eigendom liep via Pieter Constantijn Nobel en de familie Gülcher; in 1863 stond het op naam van de erven Nobel.

De gewassen wisselden vaak: koffie vanaf de aanleg, katoen erbij in 1793, cacao vanaf 1820, een gedeeltelijke overgang naar katoen in 1843, en vanaf 1889 suiker onder de Cultuurmaatschappij Rust en Werk van de broers Gülcher, die hun techniek uit Nederlands-Indië haalden. Later kwamen rijst en, tussen 1947 en de jaren zestig, een mislukte cacaopoging.

In 1843 werden hier 296 tot slaaf gemaakte mensen geteld. Op 1 juli 1863 werden er 430 mensen vrijverklaard. De emancipatielijst voor Rust en Werk telt 166 familienamen, van Aage tot Zwam: dat is een van de langste plantagelijsten van Suriname en daarmee een van de kansrijkste plekken om een familienaam terug te vinden. De Evangelische Broedergemeente had hier al vanaf 13 oktober 1844 een kerk en een school.

Na de emancipatie werden 938 Hindostaanse en 1.401 Javaanse contractarbeiders naar Rust en Werk gehaald. De suikerfabriek gold als de grootste van Zuid-Amerika. Toen de verwerking naar Mariënburg verhuisde, werden de gronden verhuurd aan Javanen die er rijst plantten. De onderneming werd in 1934 geliquideerd. De schilder Soeki Irodikromo, geboren in 1945, kwam hiervandaan.

Het terrein is nog steeds in bedrijf. N.V. Verenigde Cultuur Maatschappijen houdt er vee en verwerkt onder meer cassave, kokos en sambal, en de onderneming beslaat inmiddels twaalf voormalige plantages van samen ongeveer 5.600 hectare. Van de oude aanleg is een antieke sluis bewaard, met daarnaast groentetuinen van Javaanse bewoners. Op het naastgelegen Einde Rust zit sinds 1987 een vis- en garnalenbedrijf.

Veelgestelde vragen

Hoeveel mensen werden er in 1863 op Rust en Werk vrijverklaard?

Vierhonderddertig. Twintig jaar eerder, in 1843, werden er 296 tot slaaf gemaakte mensen geteld. Bij de emancipatie werden aan Rust en Werk 166 familienamen verbonden, van Aage tot Zwam.

Kwamen er contractarbeiders op Rust en Werk?

Ja, en veel. Na 1873 werden er 938 Hindostaanse contractarbeiders naar Rust en Werk gehaald en na 1890 nog 1.401 Javaanse. Beide groepen zijn terug te vinden in de immigratieregisters van het Nationaal Archief, waarin per persoon de plantage staat vermeld.

Kun je Rust en Werk bezoeken?

Ja. Het is per boot bereikbaar vanaf Paramaribo en er worden rondleidingen gegeven, te voet, per fiets of per huifkar. Het is geen museum maar een werkend bedrijf: de Verenigde Cultuur Maatschappijen beheert er twaalf voormalige plantages van samen ongeveer 5.600 hectare.