Commewijne · koffie, suiker

Zoelen: de opstand van 1884 en de weg naar Mariënburg

Zoelen aan de Commewijnerivier werd in 1749 gesticht door Constantinus Gerardus Nobel en baron Willem Hendrik Pieck van Zoelen; in 1863 werden er 115 mensen vrijverklaard, en in september 1884 werd er een opstand van contractarbeiders door het leger neergeslagen.

Controleer dit Deze pagina is samengesteld uit gepubliceerde bronnen en is nog niet ter plaatse geverifieerd. Wie namen, jaartallen of eigendomsgeschiedenis beter weet: laat het ons weten, dan passen we het aan met bronvermelding.

De plantage werd in 1749 aangelegd door de Amsterdamse koopman Constantinus Gerardus Nobel samen met Willem Hendrik Pieck, baron van Brakel en Zoelen, naar wie de plek is genoemd. Zij was aanvankelijk twee keer zo groot als de meeste buurplantages, 1.116 akkers in 1795. Onder de eigenaars zat ook gouverneur Jean Nepveu, die haar in 1778 kocht. Er werd koffie verbouwd; rond 1817 stapte men over op suikerriet omdat de grond voor koffie was uitgeput. Let op: er is ook een plantage Zoelen aan de Saramaccarivier, die in 1828 werd verlaten. Dit is de Commewijnse.

Op 1 juli 1863 stonden hier 115 tot slaaf gemaakte mensen geregistreerd op naam van het echtpaar Gijsbert Christiaan Bosch Reitz en Geertruida Elisabeth Kuvèl, van wie er 105 werden gecompenseerd. Zij hadden de plantage in 1850 gekocht voor 18.000 gulden, plus een bedrag voor de mensen erbij. Het verschil tussen 115 geregistreerd en 105 gecompenseerd komt op meer plantages voor en is precies het soort detail dat in de borderellen te controleren is.

Na de tien jaar Staatstoezicht kwamen in 1873 de eerste Brits-Indische arbeiders. Zoelen werd daarna, samen met Mariënburg, de plantage waar het grootste deel van de aankomende Javaanse contractarbeiders werd geplaatst. Dat de naam Zoelen op Solo in Midden-Java lijkt, viel de nieuwkomers zelf ook op.

In de suikercrisis van 1884 werden de lonen gekort en het werk verzwaard, en legden de contractarbeiders massaal het werk neer. Districtscommissaris Jessurun van Beneden-Commewijne koos partij voor de directeur en werd met stokken geslagen. Een militaire afdeling bezette daarop Zoelen en voerde de leiders af; volgens één bron werden negentien contractarbeiders gearresteerd onder aanvoering van een man genaamd Mathura. De bronnen geven 2 of 5 september 1884 als datum.

Zoelen hield in 1889 op als zelfstandige plantage: de Nederlandsche Handel-Maatschappij nam de aandelen over en voegde het bij Mariënburg, waar het riet al sinds 1882 naartoe ging. Wat er op het perceel zelf nog staat, hebben wij niet kunnen vaststellen; de ruïnes die bezoekers zien horen bij Mariënburg.

Veelgestelde vragen

Hoeveel mensen werden er op Zoelen vrijverklaard in 1863?

Honderdvijftien mensen stonden op 1 juli 1863 geregistreerd op Zoelen, op naam van Gijsbert Christiaan Bosch Reitz en Geertruida Elisabeth Kuvèl; voor 105 van hen werd compensatie uitgekeerd. Het echtpaar had de plantage in 1850 gekocht voor 18.000 gulden.

Wat gebeurde er in 1884 op Zoelen?

Tijdens de wereldwijde suikercrisis van 1884 werd op de lonen gekort en legden de contractarbeiders het werk neer. Districtscommissaris Jessurun werd met stokken geslagen, waarna het leger de plantage bezette en de leiders afvoerde. De bronnen geven 2 of 5 september 1884 als datum.

Bestaat plantage Zoelen nog?

Niet als zelfstandige plantage. In 1889 nam de Nederlandsche Handel-Maatschappij de aandelen over en werd Zoelen bij Mariënburg gevoegd, waar het suikerriet al sinds 1882 naartoe ging. De ruïnes die je in de omgeving ziet, zijn die van de suikerfabriek van Mariënburg.